De Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) voor ondernemers

De ISDE is de bekendste subsidie voor particulieren die hun huis willen verduurzamen, maar ook voor ondernemers biedt de regeling interessante subsidies om te vergroenen.

Als ondernemer kun je bijvoorbeeld subsidie aanvragen voor een kleinschalige windmolen. Met een maximale subsidie van €140 per vierkante meter en een minimaal oppervlakte van 50 m2 rotoroppervlak, kan dat oplopen tot 7.000 euro subsidie per windturbine. Kijk voor alle voorwaarden, zoals installatie en stroomaansluiting, op de website van de RVO.

Liever een iets kleinschaliger project om duurzame energie op te wekken? Ook een zonneboiler kan op subsidie rekenen. Het is daarbij belangrijk dat het apparaat nieuw en na 2019 geproduceerd is. Kijk hier voor de rest van de voorwaarden.

Voor een zakelijke warmtepomp is ook subsidie beschikbaar. Zelfs als je ZZP’er bent. Wel zijn er een aantal voorwaarden, zoals het maximale energieverbruik van het zakelijke pand. Daarnaast heb je geen recht op deze subsidie als je ook gebruikmaakt van de Energie-investeringsaftrek (EIA, meer informatie hieronder). Benieuwd naar de rest van de voorwaarden? Kijk hier.

Energie-investeringsaftrek (EIA)

De Energie-investeringsaftrek (EIA) is geen subsidie in de traditionele zin, maar een fiscale aftrekregeling voor ondernemers. Hiermee kan je 40 procent van de kosten van energiebesparende investeringen en investeringen in duurzame energieopwekking aftrekken van je fiscale winst. Dat levert gemiddeld 10 procent voordeel op. De regeling geldt voor allerlei technieken en bedrijfsmiddelen, van warmtepompen tot isolatiemaatregelen.

Belangrijk is dat de middelen waar je in investeert op de Energielijst van de RVO staan. Ook is het belangrijk dat de kosten minimaal 2.500 euro bedragen én dat je binnen drie maanden na het eind van het kalenderjaar duidelijk maakt dat je ervan gebruik wil maken. Ook moet je kiezen tussen de EIA en de ISDE, zoals hierboven beschreven. Van allebei de regelingen gebruik maken, is helaas geen optie.

MIA en Vamil

De Milieu-investeringsaftrek (MIA) en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil) zijn twee regelingen die vaak in één adem genoemd worden. Beiden zijn aantrekkelijk voor ondernemers die een grote investering gaan doen in één of meerdere bedrijfsmiddelen. Maak je daarin een duurzame keuze? Dan hoef je minder winstbelasting te betalen. Bij de MIA is dat tot 45 procent van het investeringsbedrag. Bij de Vamil schrijf je tot 75 procent van de investeringskosten sneller af.

Een bedrijfsmiddel is iets dat je gebruikt om je bedrijfsvoering mogelijk te maken en dat langer dan één jaar meegaat. Denk bijvoorbeeld aan machines, (elektrische) bestelauto’s of computers. Of jouw investering als innovatief of duurzaam gezien wordt en dus fiscaal aftrekbaar is, kun je checken op de Milieulijst.

Belangrijke voorwaarden om van deze twee regelingen gebruik te maken, zijn dat het product nieuw aangeschaft is en dat de investering minimaal 2.500 euro bedraagt. Binnen drie maanden nadat je akkoord hebt gegeven voor de opdracht, dien je de subsidieaanvraag in bij de RVO. Leuk is dat de regeling niet alleen te gebruiken is voor het product zelf, maar ook voor bijvoorbeeld transport- en installatiekosten.

SPRILA

Heb je een elektrische auto of bestelbus en wil je daarvoor laadinfrastructuur aanleggen? Hiervoor is er de Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPRILA). Met deze regeling wil de overheid stimuleren dat er meer laadpunten komen, ook als die enkel voor jouw voertuigen zijn bedoeld.

Op 20 januari opent er een nieuwe ronde voor deze subsidieregeling. Wil je eerst advies in voor het plaatsen van privélaadpalen? Dan is daar een aparte subsidieregeling voor: SPRILA aanschaf.

SPULA

De Subsidieregeling Publieke Laadinfrastructuur zwaar Vervoer (SPULA) zit iets anders in elkaar. Deze regeling is bedoeld voor de kosten die gemaakt worden voor het opladen van zware voertuigen. Deze laadplekken kunnen ook in de openbare ruimte zijn. Vanaf 3 februari 2026 kan de SPULA weer aangevraagd worden.

SDE++-subsidie

Ga je duurzame energie opwekken of op een andere manier je CO2-uitstoot (fors) verminderen? Dan is de Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) subsidie iets voor jou. Deze regeling werkt iets anders dan de standaard subsidie: de overheid vergoedt het verschil tussen de kostprijs van duurzame energie en de marktwaarde ervan over een periode van zo’n 15 jaar. Dat betekent dat bedrijven per opgewekte KwH subsidie krijgen.

In het najaar van 2026 gaat de subsidieronde, die waarschijnlijk net als vorige jaren 8 miljard euro bedraagt, weer open. Wel zijn er een paar wijzigingen. Er zijn minder strenge vergunningvereisten voor sommige technieken en strengere onderbouwingseisen bij bijvoorbeeld warmteprojecten. Voor zonnepanelen geldt dat alleen systemen met grootverbruikersaansluiting meedoen en dat bij kleinere installaties een haalbaarheidsstudie verplicht is.

Kijk voor de laatste updates, wijzigingen en wanneer de subsidie precies verstrekt wordt op de website van de RVO.

Versnelde klimaatinvesteringen industrie (VEKI)

Wie een investering wil doen om de CO2-uitstoot binnen zijn bedrijf te verminderen, kan daarvoor de VEKI-subsidie aanvragen. Deze is bedoeld voor ondernemers die binnen hun bedrijf de uitstoot van broeikasgassen willen verminderen met een grote investering, die zonder subsidie meer dan vijf jaar zou duren om terug te verdienen.

Dat kan bijvoorbeeld gaan over energie-efficientie, het verwerken van circulaire producten of de infrastructuur voor het benutten van restwarmte. Er is maximaal 30 miljoen euro per project aan subsidie te krijgen.

Let op: de huidige ronde sluit op 2 februari 2026.

Innovation Fund

Heb je een idee waarmee je de CO2-uitstoot kan verminderen en is dat bijna klaar voor de markt? Dan kan de Europese subsidie van het Innovation Fund interessant voor je zijn. Deze subsidie, die aan te vragen is bij de Europese Commissie, kan zowel individueel als in groepsverband (consortium) aangevraagd worden.

Het project moet gaan over innovatieve technologieën die (mee)helpen broeikasgasemissies te verminderen. Ook moet je bedrijf werkzaam zijn in de energie-intensieve industrie, duurzame energieopwekking en/of energieopslag, luchtvaart, maritiem of wegtransport. Kijk hier voor alle informatie en hoe je een aanvraag doet.